Berichten

Tesla met een benzinemotor!

Begin deze week had ik met de kavelkopers in het tweede blok in de Coendersbuurt van Nieuw Delft een mooie avondbijeenkomst. “Huizen Kijken” hebben we de sessie gedoopt. Dat is namelijk ook letterlijk wat we doen. Trotse kavelaars die elkaar laten zien wat voor plattegrond ze hebben ontworpen, wat voor soort materialen ze toepassen en wat hun inspiratie was. Elk verhaal is anders en even pakkend. De resultaten spreken dan ook boekdelen.

Ik moest direct denken aan de woorden van minister Blok een paar weken terug toen hij de eerste paal kwam slaan in het eerste zelfbouw blok: “Overal waar mensen hun ziel en zaligheid in hun pand hebben gelegd is dat te zien en voelen. Die beleving zorgt er voor dat je er weer terug wilt komen”.

Kritischer Volq

In de grote steden van Nederland staan mensen weer in de rij voor nieuwbouw projecten. Oude plannen worden uit de koelkast gehaald en hetzelfde geldt voor oude ideeën. Eerder vroegen wij ons al af hoeveel we met z’n allen geleerd hebben van de crisis. Net zo belangrijk is wat de consument ervan heeft geleerd.

Naar mijn mening neemt een groter deel van de woningzoekenden geen genoegen meer met een standaardproduct. Ze zijn op zoek naar kleinschaligheid, onderscheidenheid, waar voor hun geld en geborgenheid, maar vinden dit onvoldoende omdat ‘de markt’ grotendeels weer terug is naar 2008.

Niet van deze tijd

De toename van deze behoefte aan hoogwaardige woningen vraagt om de doorontwikkeling van ontwikkelvormen die hierbij passen. Zelfbouw in de meest klassieke zin is veelal tijdrovend en high risk. Matjes uitrollen uit een tunnel levert eenheidsworst met fopgevels op. Beide zijn niet meer van deze tijd. Mensen willen iets onderscheidends, maar hebben het druk in een maatschappij die steeds meer van hen vraagt.

Zelfbouw, projectbouw, kleinschalig opdrachtgeverschap, mede opdrachtgeverschap en bouwgroepen hebben allemaal interessante elementen in zich. De technische mogelijkheden zijn daarnaast met nieuwe bouwsystemen/ontwikkelingen vrijwel onbeperkt. Tijd om alles in de mix te gooien en gericht op het eindresultaat keuzemenu’s aan te bieden. Hoeveel risico wil je zelf lopen? Hoeveel wil je zelf betrokken zijn, hoeveel tijd wil je er aan besteden, wil je samenwerken met anderen? Wat is je budget? En waar wil je wonen? Dat zijn de vragen die gesteld moeten worden bij aanvang van een project. De ontwikkelvorm is daarna een afgeleide hiervan.

Opnieuw uitgevonden

Maatwerk kan steeds sneller, beter, flexibeler, minder intensief, kosten efficiënter, meer gezamenlijk en lokaler worden georganiseerd. Naast technische innovaties zijn er bijvoorbeeld bouwbegeleiders die veel werk uit handen nemen en zichzelf terugverdienen. Er zijn nieuwe financieringsarrangementen voor plankosten en duurzaamheidsmaatregelen en partijen die risico’s over durven te nemen bij de bouw. Er zijn garanties af te sluiten op het ontwerp, de prestaties en de bouw van van je woning. Teruggaan naar de werkwijze van voor de crisis voelt voor mij dan ook aan als de introductie van een Tesla met een benzinemotor.

Door nieuwe technieken, instrumenten en kennis aan elkaar knopen en te verbinden ontstaat een ongekend pallet aan mogelijkheden en ben ik er van overtuigd dat in de toekomst iedereen zo trots op hun nieuwe huis kan zijn als de pioniers in Coendersbuurt van Nieuw Delft!

 

Herontdekkers maken de stad!

Afgelopen vrijdag zijn wij in gesprek gegaan met een groep enthousiaste ‘Herontdekkers’ die in Rotterdam wonen of willen gaan wonen. Wat een leuke mensen: energiek, vol goede ideeën en klaar om te ontdekken hoe ze nog meer uit het leven kunnen halen.

Herontdekker versus emtpy nester?

Wie deze herontdekkers eigenlijk zijn? Zeker niet de empty nesters waar soms over gesproken wordt. Zo willen ze niet genoemd worden, dat is ons vrijdag maar al te duidelijk geworden. Soms hebben ze een partner en kinderen die het huis uit zijn, maar even zo vaak zijn ze happy single of hebben ze een ander soort relatie. 55+’ers? Ook niet. “Want waarom zou iemand die jonger is niet dezelfde wensen kunnen hebben?” Vanaf nu gebruiken we dus alleen nog het woord Herontdekkers. En roepen we andere gemeenten en organisaties graag op om dat ook te doen.

DSC_0033 zw

DSC_0021 zw

DSC_0004 zw

Zelfde vraag, verschillende wensen

Met kaarten, stiften, plaatjes en post-its in de aanslag, startte vrijdag de open discussie. En wat bleek? Dè herontdekker bestaat (gelukkig) niet. Iedereen heeft andere eisen en wensen voor de woonomgeving. De één wil graag middenin de stad leven, met alle dynamiek die hierbij komt kijken. De ander liever in het groen aan de rand van de stad, met alle gemakken van de stad dicht in de buurt. De één heeft graag een huis voor zichzelf, de ander bouwt het liefst met anderen aan een gezamenlijke toekomst. Allemaal hebben ze één wens gemeen, namelijk ruimte om hun plannen waar te maken. “Locatie binnen de stad?” Meerdere opties mogelijk. “Type woning?” Nieuwbouw of transformatie kan beide, veelal appartementen maar ook hofjes. En hoe die eruit komen te zien? Alles is nog mogelijk.

Oproep

Aan het einde van de sessie stelden de herontdekkers ons een typisch Rotterdamse vraag: “Hoe kunnen we zorgen dat we niet blijven lullen, maar nu gaan poetsen?”. Echt aan de slag gaan, dat wordt het hoofdthema van ons advies aan onze opdrachtgever. Daarover later meer! In ieder geval is duidelijk dat deze doelgroep een welkome aanvulling op de stad is. Ze brengen kennis, creativiteit en lef. Oftewel: ze maken de stad!

Wil je meer weten over onze aanpak, het resultaat en wat we voor jouw gemeente of organisatie kunnen betekenen? Neem contact met ons op!

Wat wil de Emtpy Nester eigenlijk echt?

Empty Nesters. Een ander woord voor 55+ers, of ook wel ‘herontdekkers’. In opdracht van de gemeente Rotterdam werken we momenteel aan een onderzoek naar deze doelgroep. We weten veel van de gemiddelde empty nester, maar heel weinig van wat ze echt individueel drijft. Welke woonwensen hebben ze, wat kan de stad Rotterdam hen bieden, en wat mist er nog?

55+ heeft de toekomst
Wij geloven erin dat deze doelgroep de toekomst heeft en van groot belang is voor de vitaliteit van een stad. Gezond oud worden, langer thuis wonen, mantelzorg, thema’s waar veel Empty Nesters vroeg of laat over nadenken. Veelal hebben deze thema’s invloed op de woning en woonomgeving.
Wij vinden het leuk dat de Gemeente Rotterdam ons de kans geeft concreet met deze mensen mee te denken: wat hebben ze nodig? De ene heeft het heel scherp op zijn of haar netvlies, de ander nog wat minder. We komen graag in contact met deze mensen, zodat zij ons kunnen helpen om de vraag helder te krijgen. Ben, of ken jij iemand met oog op de toekomst die in Rotterdam wil wonen? Kijk op deze site en laat het ons weten!

Wil jij net als wij ook aan interessante opdrachten werken zoals deze, met maatschappelijke impact en kansen om de stad weer net iets volqser te maken? Dat kan als lid van Volq. Neem contact op met Wout en vraag naar de mogelijkheden!

Maak van iedere woningaankoop een feestje

“Gaan we terug naar 2007 of vertalen we de lessen van de crisis in nieuwe innovaties?” Die vraag liep als rode draad door de pitches en discussie tijdens de eerste Ideeënfabriek van Volq op 18 juni 2015 met als thema Ontwikkelen na de crisis.

Rollen

Drie verschillende korte pitches startte de discussie, ingeleid door Onno de Vries van Volq. Onno: “De drie pitches komen van mensen die je vroeger ontwikkelaar, aannemer en architect zou noemen”. Al snel bleek dat alle inleiders in de crisis, vanuit een visie of noodgedwongen, andere rollen hebben aangenomen. Marco Langerak van VolkerWessels Vastgoed vertelde hoe hij als ontwikkelaar zelf iedere vrijdag in een modelwoning kopers heeft ontvangen. Architect Bo Kristiaan Janssen van Mark Koehler Architecten nam de aanwezigen mee in zijn zoektocht naar een nieuwe manier van denken over Collectief Particulier Opdrachtgeverschap. Hierbij nam hij de rol aan van ontwerper, maar tegelijkertijd ook van kopersbegeleider, community manager en financieel adviseur. De aannemer – Robert Steenbrugge van SteBru – wordt liever bouwer genoemd, omdat dat geen ondergeschiktheid suggereert. Zijn rol veranderde van bouwer naar ontwikkelende bouwer en verkoper. “Mijn broer was destijds autoverkoper, en van hem leerden we dat mensen een huis willen voelen, beleven. Ze willen de knopjes van de thermostaat proberen. Dus bouwden we een showroom, compleet met schuivende wanden om de grootte van ruimtes echt te beleven.” aldus Steenbrugge.

Overeenkomsten

Waar alle inleiders het over eens waren: de klant staat voorop. Volgens Marco Langerak waren we in 2007 de klant “een beetje vergeten”. De oplossing die zowel ontwikkelaar, bouwer als architect hiervoor gekozen hebben, is om vroeg in het koopproces zelf met de klant aan tafel te zitten. Op die manier leer je exact de wensen kennen en kun je daar in het project op anticiperen. “Maak er voor iedere koper een feestje van!”, aldus Steenbrugge.

Robert Steenbrugge was helder over zijn succes in de crisis: “enthousiasme en hard werken”. Ook de andere inleiders hebben gebuffeld om hun projecten van de grond te trekken, heel veel tijd geïnvesteerd en soms (veel) geld bij gelegd.

Twijfels

Bo Kristiaan Janssen twijfelt of hij na de crisis nog voet aan de grond krijgt bij grondeigenaren met zijn concept: “We hebben alleen al in Amsterdam nog 1.500 mensen op de wachtlijst voor een SuperLoft”. Gemeenten waren in de crisis graag bereid om ruimte te maken voor bouwgroepen, maar blijven ze dat doen na de crisis?

SteBru heeft gedurende de crisis zeer nauw samengewerkt met haar partners om te kunnen ontwikkelen: leveranciers werkten mee aan uitgestelde betaling, in ruil voor een deeltje van de winst op een project. Maar blijven de leveranciers loyaal, of kiezen ze voor een snelle deal met een andere partij nu de economie aantrekt? Robert Steenbrugge twijfelt, maar is positief en gelooft in de kracht van de relatie.

Het Volq

Onze conclusie naar aanleiding van de drie inleidingen is dat de consument beter geworden is van de crisis: lagere prijzen, meer kwaliteit, meer aandacht en beter luisterende professionals maken de koop meer tot “een feestje”. Wij van Volq zijn daar natuurlijk blij mee. De vraag rijst of dat een blijvende verbetering is. Ontstond het luisteren naar de consument vanuit pragmatisme en lijfsbehoud? Of was het visie? En wordt de opgebloeide liefde voor de consument blijvend gekoesterd? Of ruilen we hem liever toch weer – heel pragmatisch – in voor de snelle verkoop van een standaard product met een mooie marge?

Wij hopen van harte dat de lange termijn visie het mag winnen van het korte termijn pragmatisme, en dat partijen blijven doorinnoveren op wat ze hebben geleerd. We roepen iedereen op om de lessen van de crisis te blijven hanteren. Start met de eindgebruiker, maak ruimte voor alle woonwensen – van zelfbouw tot projectmatig en van sociaal tot villa – en maak van elke woningaankoop een feestje!

We bedanken iedereen die de eerste Volq Ideeënfabriek mede mogelijk heeft gemaakt:
de drie inleiders Marco Langerak (VolkerWessels Vastgoed), Bo Kristiaan Janssen (Mark Koehler Architecten) en Robert Steenbrugge (Stebru) en alle aanwezigen voor hun bijdrage aan de discussie.

Business as usual?!

Een van de leuke effecten van de economische tegenwind is de emancipatiebeweging. Nieuwe partijen verschijnen op het podium en pakken een prominente rol. De gebruiker voorop. Maar is dit authentiek? Of gaan we straks weer terug naar business as usual?

Straks weer aanbod gestuurd?

Consumentgericht ontwikkelen heeft inmiddels dogmatische proporties aangenomen. De reactie op een moeizame woningmarkt is ineens extreem vraaggestuurd ontwikkelen. Begrijp me niet verkeerd. Ik ben overtuigd van het feit dat het luisteren naar de consument noodzakelijk is om tot duurzame ontwikkeling te komen. Dat is alleen niks nieuws. De extreme omslag van aanbod naar vraaggestuurd ontwikkelen komt op mij daarom niet authentiek over. Willen we echt wat veranderen of wachten we tot het weer net zo is als vroeger?

Nieuw DNA

Veel ontwikkelingen zijn langlopend en vanaf de start niet ‘vraagvolgend’ ingericht. Procedures en regelgeving zijn nog vaak geënt op de oude realiteit waarbij een sterke partij een ontwikkeling desnoods afdwong. Dit resulteert nog te vaak in stroperige projecten. Ontslakken, zoals Friso de Zeeuw voorstelt, is geen overbodige luxe. Maar het echte probleem zit daar niet. We moeten het DNA van de ruimtelijke professional in Nederland op orde krijgen.

Als warme broodjes

Eerder schreef ik al een blog over de rol en het DNA van de nieuwe gebiedsontwikkelaar. In het project Nieuw Delft passen we dit gedachtengoed toe. Het Ontwikkelingsbedrijf Spoorzone Delft (OBS) wil niet alleen een fantastische wijk realiseren en de gedane investeringen terugverdienen, maar wil tegelijkertijd een impuls geven aan de hele stad. Dat doen we door nieuwe mensen en bedrijven aan te trekken en de duurzaamheidsambities van de toekomstige bewoners mogelijk maken. En de zelfbouw kavels? Die gaan als warme broodjes. Wat mij betreft dus nooit meer business as usual.